Reeds voor 1860 is de familie van Plettenberg, afkomstig oorspronkelijk uit Bentheim, maar nu komende uit Elburg van nr. 32 verhuisd naar dit adres. De familie die eerst in nummer 28 trok, bestond uit de wed. Wijnne, geb. Antoinette van Plettenburg (geb. 23-4-1794) met drie kinderen, Lodewijk van Plettenburg, ongehuwd (geb. 18-10-1797) en Hendrika W.van Plettenburg (geb. 5-11-1802 en Henriétte E. van Plettenburg (geb. 6-12-1804).Wij vinden ze later op enkele adressen terug, o.a. in de woning van een in 1871 naar Amerika vertrokken familie Tiethof meer in de buurt van het station.

Korte tijd woont hier ook F. Lauts, die 30 op april 1872 vertrekt.

Op 13 april 1873 woont in nr. 28 Schelte Wybinga met gezinsleden. Hij overlijdt in 1879.

Hendrika Plettenburg, (geb.1802 en overleden op 2-4-1886) komt dan met Mej. Wijnne (geb.1823) van nr. 34. Zij gaan in1888 weg.

De kapitein met verlof, uit Nederlands Oost Indië, de baron van Heeckeren van Molencate is er tussen 13 juli 1888 en 15 april 1890.

Op 16 april 1890 trekt Carl van Baele er in.

In 1896 komt de douairière van Brandsenburg- Schäfer er wonen.

Vanaf 1902 bewoont door de emeritus dominee, Michielsen.

In 1905 is er de wed. Bresser- Ooimann.

In 1910 is de wed. J.A. van Kempen de ingeschrevene.

Vanaf 1911 komt hier de chirurg, A.J.W. Heintz (geb. 22-4-1864 te Zutphen) wonen. In dat jaar stelt men aan het Juliana ziekenhuis tegelijkertijd twee chirurgen aan, zodat er altijd één beschikbaar kan zijn. (de 2e chirurg is A.J. Risseeuw) Wanneer Heintz zijn praktijk in omstreeks 1940 overdoet aan B.J. Leijdesdorff trekt deze ook in deze woning tot ongeveer 1975.



W. Wijk, maart 2009.