Na 1856 komt als eerste bewoner, nadat hij tijdelijk heeft gewoond bij Kamphuis de kruidenier op Loolaan nr. 1, de wijnhandelaar Hensen Boelman (geb. 11-9-1827 te Midwolda). Hij is op 6 oktober 1858 gehuwd met Heintje Sanders (geb. 11-11-1829 te Edam). Boelman overlijdt op 27 november 1868. Zijn vrouw gaat op 9 juli 1881 weg.
L. van Plettenburg, die er dan woont, sterft op 1 januari 1883.
Op 30 april 1884 komt Hajenus, gepensioneerd dirigerend officier van gezondheid van de marine hier wonen. Hij overlijdt 30 oktober 1885.
Eind 1885 neemt de emeritus predikant Holkema hier zijn intrek. In 1888 staat zijn weduwe Holkema Keuchenius als bewoonster. Mej. Haagsma is ingeschreven als gezelschapsdame, maar woont na het heengaan van de weduwe nog bij L. Pot, arts die spoedig naar nummer 71 verhuist. Hij komt op 27 mei 1892.
Mej. M.H.E. Huijsterman, pensionhoudster komt op 27 augustus 1895 vanaf Loolaan 49. In 1906 verhuist zij naar Hattem.
In 1908 verhuizen de dames C.J. en J.E.F. Daendels van nr. 24 naar hier. Mej. C.J. Daendels overlijdt op 8 augustus 1911. Hun broer, C. Daendels (geb. 16-12-1841 te Hattem) komt vanuit Wiesbaden, alwaar hij sinds november 1903 verbleef, op 27 juli 1917 bij zijn zuster wonen. Zijn overlijden is op 23 december 1937. Mej. J.E.F. Daendels was hem in juli 1931 voor gegaan.
Het huis wordt daarna betrokken door ir. J.W. Mulder. In 1950 trekt de reumatoloog C.M. Plaat erin.
W. Wijk, maart 2009
|

