In 1970 kwam bij B&W een verzoek binnen om de Kerklaan de naam Verzetstrijderslaan te geven als herinnering aan de verzetstrijders uit de tweede wereldoorlog. In het kader van het komende vijfde lustrum van de herdenking van de bevrijding achtte een aantal plaatsgenoten dit wenselijk. De commissie naamgeving stelde voor om het Raadhuisplein zo te noemen, maar B&W kwamen met een wijzigingsvoorstel om het Sophiaplein, Verzetstrijdersplein te noemen. Op 16 april 1970 kwam de commissie naamgeving met een nieuw voorstel om de omgeving van Marialust de naam Verzetsstrijderspark te geven, ook omdat toen gedacht werd dat in Marialust een representatief centrum zou worden gevestigd.
In de raadsvergadering van 23 april 1970 werd dit voorstel besproken. Een raadslid vroeg nog of Marialust een historische naam was, ze vond de benaming Verzetsstrijderspark een naar woord. De villa zou Marialust blijven heten, het park eromheen heeft nooit een naam gehad werd nog gememoreerd. De raad besloot uiteindelijk conform het laatste voorstel om de omgeving van Marialust de naam Verzetstrijderspark te geven.
De laatste adressering van de villa Marialust was Generaal van Heutszlaan 130, daarvoor is het ook nog van der Heydenlaan 64 geweest.
Verzetsstrijderspark 2
Oud adres: Van der Heijdenlaan 62
Bouwjaar: 1931
Architect: Chr. ten Tuynte
Status: Karakteristiek pand
Oude foto: Ben van Werven
Deze villa is gebouwd in opdracht van de notaris Benjamin van Drimmelen die kantoor hield aan het Raadhuisplein 3. Christiaan ten Tuynte heeft de villa ontworpen en de aannemer was de timmerman Jan Willem van Werven uit de Asselsestraat. Op de oude foto zien we het pand in aanbouw. Geheel rechts de aannemer Jan Willem van Werven. De jongen met de hond is Kees van Drimmelen, de zoon van de notaris.
Verzetsstrijderspark 10
Oude adressen en huisnummers: Van der Heijdenlaan 64 - Van Heutszlaan 130 - AA 199 - A 667 - A 313 - 252
"Villa Marialust"
Bouwjaar ca: 1825
Status: Rijksmonument
Oude ansicht: Coll. B. Meester
De in Amsterdam geboren rentenier Jan Hendrik Ameshoff (1794-1873) kocht in 1824 de papierfabriek De Vlijt van de in Haarlem geboren Johannes Hermanus Gunning (1768-1853). Ameshoff heeft rond 1825 de oude villa af laten breken en daarvoor in de plaats de huidige villa Marialust laten bouwen, toen ook nog bekend onder de naam De Vlijt.
In 1843 verkocht hij de papierfabriek met het landgoed aan de koperfabrikant Willem Hendrik de Heus. Deze verkocht in 1852 het landgoed aan de familie Brewer, waarbij De Heus eigenaar bleef van de fabriek. Omdat de fabriek de naam De Vlijt bleef houden gaf de familie Brewer de naam Maria's Lust aan het landgoed; de vrouw van Brewer heette Maria en ook twee van zijn dochters hadden Maria als een van hun namen.
Brewer verkocht het landgoed Maria's Lust in 1855 aan Rene de Fielliettaz Goethart. De laatste begon met de ontginning van het landgoed en verkocht het via een veiling in 1884 aan de NV de Olster Steenfabrieken. Deze NV, waarvan H.C. van der Houven van Oordt ook aandeelhouder was, begon het landgoed als villapark te exploiteren. Van der Houven van Oordt is ook nog eigenaar/bewoner van de villa geweest, tot hij het in 1892 verkocht aan de familie Van Haersma de With. Deze familie verkoopt de villa in 1916 aan de fabrikant Prakke. Deze verkoopt de villa in 1924 aan een bouwmaatschappij welke het landgoedje wil exploiteren voor villabouw. Omdat dit niet lukte werd de villa met omliggende grond verkocht aan de gemeente. De gemeente verhuurde de villa aan verschillende instanties en van 1975 tot 1993 werd Marialust Museum.
-Extra foto's, klik HIER
|
|
Verzetsstrijderspark 14
Koetshuis
Bouwjaar: 1844
Eerste steen: klik HIER
Status: Gemeentelijkmonument
Op 5 augustus 1844 is de eerste steen gelegd door Marie de Heus, de 8-jarige dochter van de koperfabrikant H.W. de Heus.
|
|
Verzetsstrijderspark 16-18
Oud adres: Van der Heijdenlaan 66
Bouwjaar: 1931
Status: Gemeentelijkmonument
Verzetsstrijderspark 30
Oud adres: Van der Heijdenlaan 70
Voorheen: "Bendogerit"
Bouwjaar: 1929
Architect: Chr. ten Tuynte
Status: Karakteristiek pand
Oude foto: Coll. B. Meester
Dit woonhuis is gebouwd in opdracht van Engel Douwes Dekker en droeg destijds de naam "Bendogerit".
Dit landhuis, zoals het op de bouwtekening is genoemd, heeft een symmetrische opzet, waarbij de symmetrie wat wordt doorbroken door de grote serre aan de linkerkant, welke wel origineel is. Markant element van dit huis is de spitse topgevel tegen de voorgevel, waarbij aan weerskanten erkerachtige uitbouwen zijn te zien die weer zijn verbonden met het hoofddak, gedekt door fraaie geglazuurde verbeterde Hollandse pannen. Bij dit huis is de deurpartij midden in de voorkant geplaatst, waardoor de symmetrie van de zijvleugels zo mooi opvalt. Samen met de andere huizen van de architect Christiaan ten Tuynte aan de Generaal Van Heutszlaan 90-94, 102-112, 120 en Verzetstrijderspark 2 is deze villa een goed voorbeeld van de architectuur uit de dertiger jaren, die vanwege de nuchtere opzet en de sobere detaillering van de ontwerpen ook wel de zakelijke architectuur genoemd. Deze kenmerkt zich door veel gebruik van baksteen, grote vensters en vaak hoge kappen met grote houten overstekken en brede dakgoten. Samen met Verzetstrijderspark 2 staat deze villa op de lijst van 'karakteristieke' panden van de gemeente Apeldoorn.
-Extra foto's, klik HIER
ALEX DONSWIJK: "Over de locatie van deze ansichtkaart verzonden in 1903".
Deze ansichtkaart van Marialust, welke stamt uit begin 1900, toont de situatie van het deel van Marialust achter de later de gebouwde woningen aan de Generaal van Heutszlaan, te weten het gedeelte vanaf nr 90 (de eerste woning van de drieslag) tot en met Verzetsstrijderspark 2, naast Generaal van Heutszlaan 120, en dus voordat dit deel van de Grift werd aangelegd. Voor een beter vergelijk is de kleurenfoto meer naar voren genomen dan de oude foto, omdat het beeld anders schuil gaat achter bomen en struikgewas. De locatie van de fotograaf die de zwart-wit foto nam, zal ongeveer achter de woning aan de Gen van Heutszlaan nr. 90 zijn geweest. Dit straatdeel heette vroeger tot plm. januari 1965 de Generaal van der Heydenlaan.
Villa Marialust
In eerste instantie heeft vanaf de 15e eeuw, aan de Grift, een watermolen gestaan die eerst als korenmolen, later als papiermolen/papierfabriek en weer later als koperpletterij in gebruik was. Jan Hendrik Ameshoff laat (ca. 1825) in de nabijheid van de Vlijt de grote villa Marialust bouwen op het daarbij behorende terrein, dat in het westen door de Grintweg op Hattem (de tegenwoordige Koninginnelaan) werd begrensd en in het zuiden door de Pasch. Ameshoff, de opvolger van Gunning, laat op 31 oktober 1826 een notariële akte opmaken met de eigenaars van de belendende gronden langs de Grift vanaf de Kostersbrug in het dorp Apeldoorn tot aan de papiermolen de Vlijt. De hem toebehorende stroken grond en dijken ter breedte van 3 ellen 8 palmen aan weerszijden van de beek – worden afgebakend met 18 palen. Hij staat die gronden in erfpacht af voor een tijd van 99 jaar, de pachtprijs bedraagt 1 cent per jaar.
Ameshoff streefde voortdurend naar vernieuwing op het gebied van de papierfabricage en maakte de Vlijt tot modelinrichting. Omstreeks 1840 had hij naast de bestaande molen een naar de eisen des tijds ingerichte stoompapierfabriek laten bouwen. Als de fabriek reeds drie jaar na de bouw niet aan de hooggestelde verwachtingen kan voldoen, verkoopt Ameshoff in 1843 de Vlijt aan Willem Hendrikus de Heus, fabrikant te Utrecht. Deze had daar een koperbedrijf en gasfabriek op het Vreeburg. De papiermolen de Vlijt wordt door hem omgezet in een gelijknamige koperpletterij. De Heus woonde in Utrecht, maar verbleef gedurende de zomermaanden in de villa ‘Maria’s lust’, genoemd naar zijn dochter Marie, later verbasterd tot het huidige Marialust. Het landgoed werd na De Heus particulier bezit van de families Brewer en De Fiellietaz en kwam omstreeks 1880 in handen van het consortium van Van der Houven van Oordt. Rond 1900 werd de villa bewoond door Jonkheer Van Haersma de With en zijn familie.
https://www.marialust.nl/de-locatie/historie-landgoed-marialust/
De Heus en de omlegging van de Grift
De Heus bouwde de papierfabriek om tot koperpletterij, met gratis waterkracht van de Grift. Deze fabriek draaide aanvankelijk alleen op waterkracht, in tegenstelling tot zijn fabriek op het Vredenburg in Utrecht en later op een combinatie van stoommachines en waterkracht.
Hier zien we hoe de gebouwen van de fabriek gegroepeerd zijn, noordwaarts gezien, ten opzichte van de Molenbeek, die vanuit het zuiden over het fabrieksterrein liep, via het zogenaamde “stuwmeer”. Dit was een wijer die diende als buffer voor het water van de Grift en die er voor moest zorgen dat er altijd voldoende waterdruk was op de “waterwielen”. De gebouwen aan de linkerkant van de beek herbergen de gloeioven en de walsen van de pletterij. In het gebouw rechts van de beek bevindt zich de stavenwals. Daarnaast respectievelijk de draaierij en de compressorruimte. Het gebouw helemaal rechts (met schoorsteen) was de plek waar het binnengekomen koper werd gesmolten, de smelterij dus. Het teveel aan water werd via een zijtak afgevoerd. Deze zijtak liep voor een groot deel parallel langs de Vlijtseweg naar het noorden en voegde zich zo’n 100 meter ten noorden van de ingang van de Fabriek aan de Vlijtseweg weer bij de Molenbeek/de Grift
Door toenemende vervuiling van de Grift (al in 1913 wordt er al over geklaagd) is het Griftwater steeds minder bruikbaar voor de Koperpletterij en wordt het belang van het bezit van de Grift voor de Koperpletterij dus steeds minder. De gemeentelijke politiek wordt gedwongen iets te doen aan de overlast van het open riool, dat de Grift inmiddels is geworden. Dit thema komt herhaaldelijk terug in de gemeenteraadsvergaderingen. In 1934 verkoopt N.V. De Heus het water van de Grift en de aanliggende oevers, na veel getouwtrek, aan de gemeente. Het gedeelte dat over het fabrieksterrein langs de Vlijtseweg loopt wordt gedempt. De Bovenbeek, die vroeger de waterraderen aandreef, wordt overkluisd. De fabriek wordt afgesloten van de sterk vervuilde Grift en in de fabriek ging men over op elektriciteit. En dit deel van de Grift zelf? Die wordt dus omgeleid en uitgegraven over het tracé van een eerst breder pad, in beeld gebracht door de kleurenfoto vergelijkbaar met de zwart-wit foto.
Bron: Boek “IJzersterk Apeldoorn” – uitgegeven in 2024 door de Vereniging Oud Apeldoorn.
In 2009 is bij de reconstructie van de Grift, rekening gehouden met het doortrekken van de Molenbeek. De Molenbeek zou dan in de toekomst, bij de aanleg van de nieuwe woonwijk Vlijtsemolen , gesitueerd worden langs de westrand van het voormalige Remeha-terrein.
Zie ook: https://digitaleplannen.apeldoorn.nl/NL.IMRO.0200.bp1350-vas1/t_NL.IMRO.0200.bp1350-vas1.html
Splitsing van de loop van de Grift met de Koperpletterij/REMEHA fabrieksgebouwen op de achtergrond
en op de rechterfoto de vanaf 2022 gebouwde villa’s aan de Vlijtsemolen.
De Schuttershof
In Marialust was jarenlang de schietvereniging “Koninklijke Scherpschutters van de Veluwe”, opgericht in 1867 gehuisvest. Aanvankelijk schoot men op schietbanen op de Wiesselsche heide (nu binnen het paleispark gelegen). Op 3 januari 1894 wordt ten overstaan van de toenmalige kandidaat-notaris Jonkheer W. Bas Backer, die tevens secretaris en later commandant van de vereniging was, een stuk grond gekocht en worden schietbanen aangelegd, gelegen in de nieuwe Enk te Apeldoorn nabij de Sprengenweg. De weg naar de schietbanen zal later Schuttersweg genaamd worden, vernoemd dus naar de daar eens gelegen schietbanen van de Koninklijke Scherpschutters van de Veluwe. In 1953 doet de gemeente (opnieuw) een beroep op de vereniging de grond van de schietbanen in het kader van het algemeen belang (huizenbouw) af te staan aan de gemeente. Het bestuur van de vereniging gaat hierop in, temeer daar de belofte werd gedaan dat de Scherpschutters het gebruik van de in 1948 aangelegde garnizoensschietbaan in het Orderbos kregen wanneer de militairen er geen gebruik van maakten. Zo werd de grond van de schietbaan verkocht aan de gemeente. Later wordt een een houten gebouw aangekocht en verplaatst naar een terrein tegen het hek van de koperpletterij in Marialust. Het gebouw werd geheel door de eigen leden geschikt gemaakt voor schietactiviteiten. Het gebouw telde een tiental twaalf meter banen geschikt voor klein kaliber geweer en twee pistoolbanen. Het gebouw werd De Schuttershof genoemd.
Op 13 maart 1974 wordt het gebouw in brand gestoken door een paar jeugdige inbrekers, die ontsnapt waren uit de Rekkense inrichtingen. Uit woede over het niet vinden van buit en wapens werd het houten gebouw in brand gestoken. Verloren gingen geweren, pistolen en een deel van het archief en de volledige prijzenkast. Eind 1977, na vier jaar moeizaam onderhandelen met de gemeente, kwam er eindelijk overeenstemming over de aankoop van een stuk grond aan de Laan van Zevenhuizen, hoek Deventerstraat. Hier verrees de nieuwe Schuttershof, die op 1 april 1978 door de beschermheer Z.K.H. Prins Bernhard werd geopend.
|
|
Foto van de Schuttershof. Bron: https://ksvdv.nl/history |
De vroegere locatie van “De Schuttershof” met op de achtergrond de gebouwen van
Koperpletterij De Heus / REMEHA en op de rechterfoto de bebouwing aan de Vlijtsemolen.
Apeldoorn, mei 2026, Alex Donswijk














